Vrijgestelde Beleggingsinstelling (VBI)


Voor ondernemers die hun onderneming hebben verkocht en de opbrengst nog in een vennootschap hebben zitten bestaat de mogelijkheid te beleggen zonder dat er Vennootschapsbelasting hoeft te worden betaald. Om voor de vrijstelling in aanmerking te komen zal een verzoek aan de Belastingdienst gedaan moeten worden.

In beginsel is de VBI bedoeld voor beleggingsfondsen maar ook voor de directeur aandeelhouder is de VBI status mogelijk.

Het rendement dat wordt behaald met de VBI wordt wel belast in Box II voor de inkomstenbelasting.

Om voor de VBI status in aanmerking te kunnen komen worden er wel een aantal formele vereisten gesteld, waaronder:

  • De VBI status is slechts mogelijk voor een N.V. of een Fonds voor gemene rekening (FGR);
  • Het doel van de Vennootschap moet uitsluitend bestaan uit beleggen, echter hieraan zitten nog wel een aantal restricties, zo mag er niet rechtstreeks in onroerend goed worden belegd en mogen er ook geen pensioengelden in de VBI zitten en geldleningen aan de aandeelhouder in privé zijn ook niet toegestaan;
  • Er dient collectief te worden belegd, dat wil zeggen dat één aandeelhouder maximaal 90% van de aandelen mag houden en de overige aandelen niet mogen vallen in enige huwelijksgemeenschap samen met de groot aandeelhouder;
  • De aandelen dienen uit eigen middelen van de aandeelhouder te worden betaald, zodat voorafgaande aan de participatie door de meerderjarige kinderen in veel gevallen een schenking plaats moet vinden.


  • Omdat in veel gevallen een gedeelte van de 10% van de aandelen geplaatst wordt bij de partner dienen de huwelijksvoorwaarden beoordeeld te worden alvorens de VBI status verkregen kan worden.

    Een VBI voor de directeur groot aandeelhouder komt meestal tot stand door een juridische afsplitsing van een bestaande BV/NV van een aandeelhouder, waarbij een beleggingsportefeuille of de vrije liquiditeiten overgaan naar de VBI (NV).

    Voor een juridische afsplitsing is een wettelijke procedure voorgeschreven, waarvoor formele (notariële) stukken en (accountants-)verklaringen dienen te worden opgemaakt en termijnen moeten worden nageleefd.

    Omdat het niet de bedoeling is dat door het overlijden van de directeur groot aandeelhouder of zijn/haar partner de VBI status wordt verloren dienen in veel gevallen ook de testamenten aangepast te worden.