Bewind


In de praktijk blijkt het niet altijd wenselijk te zijn dat de erfgenamen (bijvoorbeeld de kinderen) direct de beschikking krijgen over het vermogen van de overledene. Om ervoor te zorgen dat de kinderen (of andere erfgenamen) niet de volledige beschikking krijgen over het vermogen, kan in het testament een bewindvoerder worden aangesteld.

De bewindvoerder heeft de bevoegdheid te bepalen wat er met het vermogen van de rechthebbende gebeurt. De duur van het bewind wordt vastgelegd in het testament.

Vijf jaren na uw overlijden kan de rechthebbende de rechter verzoeken het bewind op te heffen. Van deze wettelijke beƫindigingsregeling kan in een testament niet worden afgeweken. De rechter zal het verzoek toewijzen indien de rechthebbende kan aantonen dat hij of zij de onder bewind staande goederen zelf op verantwoorde wijze zal kunnen besturen.

Afhankelijk van de omvang van het vermogen kiezen de ouders hier voor een langere of kortere termijn voor de onderbewindstelling van het vermogen.